dinsdag 11 maart 2014

©




………………………………………………………………………………………………………….....................

Je zal toch nauwelijks meer, niet meer, nee nooit meer dromen… ah, dat lijkt me vreselijk!

Dromen maken me wakker, maken me alert, geven me een glimlach, een vonk, de energie en de moed om verder te kijken dan vandaag. Soms verslaap ik mijn dagen met de dingen die ik doe. Ik raap op wat er voor mijn voeten licht, maak schoon wat mijn handen tegenkomen en zo verdwaas ik mijn tijd in dagelijksheden, in het ritme van de klok, in de gewoonte van het gewoon zijn.

Maar dan is daar gelukkig altijd weer die droom. Die droom die mij aanstoot en me wakker schudt. De droom die fluistert wat ik eigenlijk graag wil doen en wie ik eigenlijk graag wil zijn. Deze droom kent mij en ik ken haar. Ze laat mij mij zien. In mijzelf en om mij heen. Ze weerspiegelt me in kleuren, in vormen, in klanken, in woorden, in bewegingen, in dat wat ik kan zien als ik werkelijk kijk.


Die droom laat me ontwaken, ze richt mijn blik en tilt mijn hart zodat ik met haar in mijn armen vlinderlicht mijn droomleven kan dansen.